Ik kan door een negatieve associatie een hekel hebben aan een bepaald woord. Gewoon omdat de verkeerde persoon het ooit als eerste heeft zegt. Of omdat het door types wordt gebruikt waar ik niet zo gek op ben. Dan is een woord besmet en dan komt het ook niet meer goed.

Zo krijg ik echt enorme uitslag van het woord meis. Vrijwel altijd bezorgd en een beetje troostend uitgesproken. Mij troost je er niet mee, je fokt me er juist mee op. De eerste die het woord gebruikte was een collega van lang geleden. Van hem kreeg ik sowieso al heel erge jeuk. Hij had de neiging op zijn hurken naast me te gaan zitten, zijn koude, klamme handje op mijn knie te leggen en dan met een serieuze blik naar me op te kijken om te zeggen ‘hoe is het dan, meis?’ Gruwel! Het scheelde niet veel of ik braakte hem vol in dat slappe gezichtje van hem. Toen is mijn meis-allergie begonnen. Sindsdien associeer ik het woord steevast met koud, klam zweet, iets te amicaal en een tikkeltje kleinerend.

Dus als je me echt de koude rillingen wil bezorgen, noem me dan meis. Wil je me troosten, kom dan met wat beters uit de hoek. Heb jij ook van die woorden waar je acuut vlekken van krijgt, ik hoor ze graag. Heb ik meteen weer stof voor een nieuw stukje.

 

Weten waar jullie jeuk van krijgen? Je lees het in Jeukwoorden waar ook mijn vrienden een pleurishekel aan hebben