Ik loop als communicatieadviseur al aardig wat jaartjes mee in de jeugdzorg. Een fijne sector vol gedreven mensen met passie voor hun werk. Maar die passie lees ik meestal niet terug in de schrijfsels die ze produceren. Dat zit boordevol jargon, passief taalgebruik en ingewikkelde woorden voor de normaalste dingen. Overdracht, zorgbehoefte, zorgvraag, dwang, drang help!!!!!
Tijd voor een lesje communiceren. Deze woorden moet je als jeugdbeschermer niet meer willen gebruiken, in ieder geval niet als je wil dat je cliënten het begrijpen.

  1. Met stip op 1: brusjes: wordt gebruikt om broertjes en zusjes aan te duiden. Wat een stom woord! Je hebt het over kinderen, niet over haarborstels.
  2. Het gezin heeft onvoldoende netwerk. Oh, joh, vervelend, kunnen ze niet bellen ofzo? Netwerk, in hulpverlenerstermen gaat het dan om mensen die betrokken zijn bij een gezin. Iedereen die niet in de hulpverlening werkt denkt toch eerder aan televisiestations en telefoons ofzo.
  3. Moeder dit en vader dat. Ouders worden vaak aangeduid als moeder en vader. Het creëert een enorme zakelijke afstand terwijl je het over de meest intieme dingen hebt. Dat vind ik als niet hulpverlener heel raar om te lezen. De mensen hebben een naam. Ik weet zeker dat het voor hen heel anders is om een verslag te lezen met hun eigen naam.
  4. Hulpvraag, en dan vooral het gebrek eraan, daar wemelt het in in jeugdzorgland. Waarom niet gewoon: wil niet geholpen worden?
  5. Geeft aan dat. Wordt vaak gebruikt in plaats van: zegt dat. Vader geeft aan dat hij dit geen goed idee vindt. Geen idee waarom dit zo wordt omschreven. Aangeven heeft voor mij een andere betekenis. Je geeft een voorwerp aan. Geen zinnen.
  6. Contactmoment. Een wel heel officieel klinkende manier om te zeggen dat je iemand gesproken hebt. Wat is er mis met het woord gesprek?
  7. Pupillen. Wordt regelmatig gebruikt door jeugdbeschermers als ze het over de kinderen hebben in hun caseload. Pupillen zitten in je ogen. Als je persé iets met ogen hebt, noem ze dan oogappeltjes.
  8. Belaste voorgeschiedenis. klinkt heel zwaar en dat is het ook. Maar het zegt tegelijkertijd helemaal niets. Waarom niet wat concreter. Heeft een verleden van …… vul maar wat ellendigs in.
  9. Systeem: een woord om de mensen die om iemand heen staan aan te duiden. Klinkt een beetje technisch: een koelsysteem, spelsysteem, home entertainment systeem. Het woord systeem suggereert ook dat het iets systematisch heeft. Geen ongeordende verzameling mensen die de meeste van ons om ons heen hebben. Wat is er mis met: familie en kennissenkring?
  10. Ketenpartner. Duidt aan een andere zorgverlener die in hetzelfde hulpverleningstraject zit. Maar het woord klinkt een beetje vreemd. Zou niet misstaan in een keurige SM setting. Ketens associeer ik namelijk met kettingen. Daarmee wil je toch niet vastzitten aan iemand waarmee je samen moet werken? Waarom noem je het niet gewoon samenwerkingspartner? Of collega-hulpverlener?

Natuurlijk heb ik niet voor alle woorden een goed alternatief dat de lading volledig dekt, maar het zou mooi zijn als we wat cliëntvriendelijkere taal proberen te gebruiken. Zeker in deze tijd waarin de plannen die we maken, steeds meer de plannen van het gezin zijn. Een mooie uitdaging lijkt me. Heb je meer jeukwoorden en vooral ook goede alternatieven? Ik hoor ze graag.

 

Gerelateerde posts:

Schandalig: Facebook niet thuis bij smaad en laster

STOP met die mail terreur, stop ermee!!

Online ben ik heel populair, maar niet helemaal zoals ik het heb bedoeld…..