Na de lange treinreis, worden we wakker in Denemarken. Omdat je Kopenhagen niet kunt verlaten zonder die kleine zeemeermin te hebben gezien, fietsen we ’s ochtends vroeg tussen grote drommen Denen die op weg zijn naar werk of school. Als we lil havfrau eindelijk gevonden hebben, blijkt ze best klein en onopvallend. Snel een ietswat mislukte selfie en door naar de trein, op naar Malmö. (tekst gaat verder onder de foto)

Under the bridge 
The bridge/Broen heb ik trouwens nauwelijks gezien. Een klein glimpje alvorens we er met 200 km per uur onderdoor schieten. Ik zet toch maar een vinkje op mijn bucketlist. Heb ik dat vast in de pocket.

Na even zoeken naar het begin van de route die we hebben uitgeprint van de Zweedse fietsersbond zijn we dan echt begonnen. Als we de Zweedse lelijke buitenwijken door zijn, begint het er echt op te lijken. ‘ Oh kijk, dat huisje! Lekker Zweeds !’ ‘Ja, dit is echt Zweden hoor’ kraaien we opgewonden terwijl we blij doortrappen. Hier in het Zuiden is het wijds en rustig. We komen niet veel mensen tegen en als we over de autoweg moeten, houden ze heel goed rekening met ons. (tekst gaat verder onder de foto)


All the way from Malmö??
Er is veel mooi fietspad maar ook aardig wat stukken gravelpad. Vooral op de paden met grote stenen moeten we goed oppassen. In Landskröne houden we een korte pauze op een bankje in de zon. Als we mogen plassen in een school, zegt een meisje met een hoofddoek verrukt: ‘ All the way from Malmö to come to MY school?’ We laten haar graag in die waan.

Dwars door de commune
Aan het eind van de dag staan we voor een hek. Kunnen we hier echt door? Google maps zegt van wel. Maar de blaffende honden houden ons een beetje tegen. Als een man ons wenkt dat het okay is gaan we. Heel grappig, op een steil gravelpad crossen we door het bos naar beneden langs allemaal kleine gekleurde houten huisjes met vlaggen en halve motoren en andere klustroep in de tuintjes het lijkt wel een soort commune of vrijstaat.

Als je broek maar droog is
Iets later dan gepland komen we eindelijk om 19.30 bij onze Airbenb bij Åstorp. Het is prachtig! Gezellig en knus. We wassen onze fietsbroeken en zetten verwarming op 27 graden zodat ze kunnen drogen. Ach, gas en elektriciteit is inbegrepen zullen we maar zeggen.

En weer fietsen
We slapen als een blok en zijn om half 7 klaarwakker. Zo zitten we om half negen alweer op de fiets. Het landschap verandert langzaam van wijds en open naar mooie bossen. Wat blijft is dat we bijna geen mensen tegenkomen. Honden slaan aan als we langslopen, herten schieten volledig in de paniek en ik zie zelfs een naakte man met zijn hand voor zijn pielemuis snel het huis in vluchten.

Geen kip, wel gravel
In de kleine dorpen waar we doorheen komen is het heel stil. Op een bejaarde dame die met haar rollator de krant ergens gaat bezorgen, zien we nagenoeg niemand. We fietsen over bospaadjes, mooie fietspaden en paden met gravel. Heel veel gravel. (tekst gaat verder onder de foto’s)



Na wat meer kilometers (134) dan we hadden gepland, komen we aan in Lagan, in de middle of nowhere. In een prachtige oude boerderij uit 1600 Prachtig, eigenaar Ove heeft een vuurtje aangemaakt. De deur kan niet eens op slot maar toch voelen we ons veilig, er is hier toch geen hond.